Een stad is altijd meer dan je zelf kan bedenken

In 1986 richtte architect Marlies Rohmer haar bureau Marlies Rohmer Architects & Urbanists op, dat zich voornamelijk richt op maatschappelijke projecten als scholen, woningen en zorginstellingen. Ze ontving tal prijzen voor haar werk. In 2016 publiceerde zij “What happened to my buildings?”, waarin ze reflecteert op eerdere projecten en hoe haar gebouwen de tand des tijds hebben doorstaan. Rohmer ontwierp onder meer de Noordkop (van de Spaarndammerstraat) en de Brede School Spaarndammerhout.

Ik probeerde met de Brede School een generiek gebouw te maken, waar mensen zelf invulling aan konden geven. Een school is in principe niet een heel openbaar gebouw, maar hier, door het multifunctionele aspect, is het dat min of meer toch geworden. De twee speellokalen kunnen samen als aula functioneren, het muzieklokaal, gekoppeld aan die aula kan gebruikt worden als podium en op het grote balkon is er de mogelijkheid voor een terras van het cafe. Zo werkt de school als katalysator van de buurt. Refererend aan de vroegere houthavens, zit er veel hout in het gebouw, terwijl de stapeling van stenen doet denken aan de stijl van de Amsterdamse School. Vroeger was arbeid goedkoop en materiaal duur; nu is het precies andersom. Dus zijn de stenen met prefab technieken geprefabriceerd, en zo krijg je toch de ornamentiek van de Amsterdamse School. Het is vind ik niettemin een heel stoer, industrieel gebouw geworden.

Wat ik goed vind is, dat Amsterdam altijd op a-locaties sociale huur bouwde,, maar ik heb nu het idee dat dat zeker hier in de Houthaven niet meer zo is. Ik maak er vaak Corona-wandelingen en wat zal ik erover zeggen? nou de methadonbus rijdt daar in ieder geval niet rond. Er kan daar geen normaal mens meer wonen en daar kan je als architect geen bal aan doen. Je kan hoogstens, als de ene school wel geld heeft en de andere niet, ze toch in hetzelfde kostuum stoppen, zoals ik dat heb gedaan met de twee scholen die samenkwamen in de Spaarndammerhoutschool. 

Ik heb destijds ook een plan voor De Verbinding in de Spaarndammerbuurt gemaakt .  Toen ik dat in Museum Het Schip presenteerde, zat de zaal bomvol. Ik wilde graag interactief met de buurt werken en bedacht dat ik elke week een avond in een café in de buurt aan het plan zou zitten werken, zodat mensen langs konden komen met vragen en ideeën. Dit idee sloeg  echter helemaal niet aan. Ik voelde me best een beetje berooid na die selectie. Het is enorm zoeken als je bouwt in een (rode) buurt. Je wordt beoordeeld voordat je in gesprek kunt gaan. De grootste angst van bewoners gaat denk ik uit naar de gemeente, omdat ze bang zijn dat die hen een loer draait, maar projectontwikkelaars en architecten worden wel geassocieerd met de gemeente. 

Waarom ik het kwalijk vind als er alleen maar dezelfde mensen in een wijk wonen? Een stad moet een zekere mate van onvoorspelbaarheid hebben, want dat maakt het daar leuk. Een stad is altijd meer dan je zelf kan bedenken. Die hoort verwondering teweeg  te brengen en dat krijg je niet als je er maar één doelgroep neerzet. Ik vind het trouwens helemaal niet verwerpelijk dat er lofts van zo’n 10 miljoen in die Pontsteiger zitten; dat getuigt van grootstedelijkheid, maar je moet daarnaast wel sociale huur behouden. Van een gemengde populatie wordt een buurt  veel levendiger.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: